Auteur: Team Roofvisnet

Kunstaasgids voor Snoek

Wat is het beste kunstaas voor snoek? Robert-Paul Wolters helpt je met het maken van de juiste keuze met de kunstaasgids voor snoek. In hengelsportzaken vind je een eindeloze hoeveelheid aan kleuren en soorten kunstaas. Goed, of juist slecht kunstaas bestaat eigenlijk niet. Het is de visser die het verschil maakt. Elk kunstaas heeft zijn eigen goede en slechte eigenschappen en met kunstaas expert Robert-Paul Wolters gaan we die per kunstaas categorie eens onder de loep nemen.

kunstaasgids voor snoek

Kunstaas voor snoek, spinners en spinnerbaits

Spinners & Spinnerbaits

Dit kunstaas behoort tot de klassiekers, daarom mag de spinnerbait ook niet ontbreken in de kunstaasgids voor snoek. Hoewel hun populariteit iets heeft moeten inboeten kom je ze toch nog met enige regelmaat tegen. Vissen met spinners is reuze simpel! De spinner draait in het water rond en zorgt hiermee voor weerstand op de hengeltop, zo kun je gemakkelijk in de gaten houden of de spinner het naar behoren doet en je merkt opgedregd vuil direct. Het snel ronddraaien van het spinnerblad zorgt voor een bepaalde mate van lift. Hierdoor is de spinner geneigd om steeds wat hoger door het water te lopen als je hem binnen vist.  

Voordelen 

  • Veel vormen, maten, gewichten en kleuren. 
  • Veel vibraties als gevolg van het ronddraaiende spinnerblad. 
  • Ondiep te vissen, vaak zelfs visueel waarneembaar! 

Nadelen 

  • Spinners kunnen je lijn laten kinken. 
  • Beperkte mogelijkheden in dieper water. 
  • Weinig variatie mogelijk in actie. 

Waar in te zetten? 

  • Zowel in stromend als stilstaand water. 
  • Ideaal voor ondiep water.
kunstaasgids voor snoek

Softbaits brengen regelmatig grote snoeken op de kant

Softbaits 

De laatste jaren is de populariteit van softbaits enorm gestegen! Vooral de grotere softbaits timmeren lekker aan de weg en zijn verkrijgbaar in enorm veel kleuren, maten en merken. Ook ikzelf heb enkele van mijn grootste snoeken aan softbaits gevangen. De verklaring is simpel voor mij: in het zachte rubber zijn gemakkelijk de allerkleinste details te verwerken. Bovendien voelt het zacht aan, waardoor snoek geneigd is het rubber wat langer vast te houden en soms zelfs voor een tweede maal de trekken over te halen. Het grootste voordeel van softbaits is misschien wel dat je er alle waterlagen mee kunt bevissen. Je hoeft niet persé de diepte in met loodkoppen, je kunt ze riggen zoals je zelf wil!

Voordelen 

  • Zo goed als oneindig aanbod aan kleuren en modellen. 
  • Snoeken houden softbaits vaak net wat langer vast. 
  • Veelzijdig, ondiep en diep te vissen. 

Nadelen 

  • Beperkte levensduur. 
  • Relatief duur. 
  • Opgedregd vuil wordt niet altijd opgemerkt. 
  • Het visklaar maken van softbaits is arbeidsintensief. 

Waar in te zetten?
Softbaits onderscheiden zich door hun veelzijdigheid, je kunt ze eigenlijk op ieder watertype wel inzetten. Ook in de aasvoering kun je het zo ingewikkeld maken als je zelf wil. In de zomer vis ik ze onverzwaard over plantenvelden heen, in de herfst juist wat dichter bij de bodem met een loodkop; het kan allemaal! 

kunstaasgids voor snoek

Het vissen met pluggen op snoek is nog steeds populair

Pluggen

Pluggen zijn misschien wel het meest geliefd onder kunstaasvissers. Het vissen met pluggen is enorm simpel, gelijkmatig binnendraaien is vaak al genoeg om een snoek over de streep te trekken. Ze vibreren erg hard, zeker die bolle- haast kogelronde- modellen. Deze modellen kun je het best op een tempo binnen vissen. Hun langwerpige broertjes en zusjes mag je rustig wat meer variëren, dit zijn zogenaamde twitchbaits! 

Voordelen 

  • Veel keuze in kleur, maat en actie. 
  • Veelzijdig in te zetten. 
  • Goede hookup ratio. 
  • Gehaakt vuil wordt direct opgemerkt. 
  • Gaat lang mee. 

Nadelen 

  • Eenzijdig, een bepaalde plug heeft maar een soort actie. 
  • Op plantenrijke wateren haak je meer groen dan snoek. 

Waar in te zetten? 

Op de verpakking van een plug wordt vaak vermeld hoe diep hij loopt. Daarom is het vrij eenvoudig om te bepalen of een bepaalde plug geschikt is voor het water wat jij voor ogen hebt, mits je de diepte daar een beetje kent natuurlijk. Pluggen gebruik ik vaak pas wat later in het jaar, als het groen al wat afgestorven is.
 

Jerkbaits

Jerkbaits zijn grofweg in drie subgroepen te onderscheiden. Gliders bewegen verleidelijk van links naar rechts bij het binnentikken. Divers duiken met hun kop naar beneden en waggelen weer rustig omhoog na een haal van de hengel. Tot slot zijn er nog jerkbaits die de eigenschappen van beide jerkbaits combineren; de hybrides. Deze jerkbaits dansen als een dronken visje door het water. Ze lopen allemaal relatief ondiep, ik ken maar weinig jerkbaits die dieper dan drie meter komen. 

 Voordelen 

  • Enorm goed aas om in verschillende tempo’s binnen te vissen. 
  • Veel vormen en kleuren. 
  • Spannende visserij, vaak in het zicht.
    Nadelen 
  • Komt niet heel diep. 
  • Eigenlijk haast alleen werpend in te zetten 
  • Moeilijk om goed te vissen; elke jerkbait heeft zijn eigen ideale ritme.
    Waar in te zetten? 

Met jerkbaits kun je het hele jaar door vangen. Vis je ondiep, dan kun je de aanbeten zien! Ik vis het liefst met jerkbaits als ik een relatief kleine stek goed wil uitvissen. Gliders zijn in de ondiepte mijn favoriet. In de herfst zet ik vooral hybrides in, net als in de winter. Zelfs ’s winters zijn snoeken soms niet te beroerd om enkele meters van de bodem omhoog te komen om een tuimelende jerkbait te onderscheppen. 

kunstaasgids voor snoek

Een perfecte kopie van een prooivis

Swimbaits 

Swimbaits vallen onder te verdelen in twee categorieën. Harde, meerdelige swimbaits en swimbaits met een harde kop en een zacht achterlijf. Beide aassoorten hebben een enorm realistische zwem actie. Ook in uiterlijke kenmerken lijken swimbaits misschien wel het meest van alle aassoorten op een echte prooivis. 

 Voordelen 

  • Natuurgetrouw gevormd kunstaas. 
  • Zeer realistische actie. 
  • Goed te werpen en te trollen. 
  • Afhankelijk van het model diep of ondiep te vissen. 

Nadelen 

  • (Vaak) erg duur. 
  • Modellen met een zacht achterlijk hebben een beperkte levensduur 

Waar in te zetten? 

De meeste meerdelige swimbaits lopen ondiep, zelfs modellen die snel zinken zullen zelden dieper dan een meter gaan. Deze aasjes zijn zowel trollend als werpend enorm succesvol. Zelf vind ik het heel mooi om ze boven waterplanten te presenteren en lekker te variëren met binnenhalen. De modellen met een duiklip duiken snel naar hun maximale zwemdiepte en vertonen daar hun kunstje. Ideaal om scherpe taluds af te trollen, zo heb ik mijn allerdikste snoeken gevangen! 

Met de streamer op snoek kan ook met de spinhengel

Streamers 

Ook vliegvissen op snoek kan effectief zijn! En goed nieuws; je hoeft de kunst van het vliegvissen helemaal niet te beheersen om toch met streamers te kunnen vissen. Er zijn verzwaarde streamers verkrijgbaar die je heel goed aan de spinhengel kunt vissen. Deze streamers zijn in alle denkbare formaten en kleuren te krijgen! 

Voordelen 

  • Streamers zijn zeer langzaam te vissen. 
  • Dankzij de enkele haak (eventueel met kleine dreg) goed te vissen in plantenrijk water. 
  • (onverzwaarde) streamers zijn licht van gewicht, waardoor de hookup ratio hoog is! 

Nadelen 

  • Lastig te verkrijgen, vaak ben je afhankelijk van mensen die ze zelf maken. 
  • Beperkt inzetbaar in dieper water. 

Waar in te zetten? 

Ik vis het hele jaar door met streamers. Als de vis actief is grijp ik eerder naar jerkbaits, swimbaits of spinners, maar als de vis niet zo actief is dan vis ik liever met streamers. Deze kun je enorm langzaam aanbieden waardoor trage snoeken ze sneller zullen grijpen. Vooral in de winter kan deze enorm langzame aasaanbieding voor vuurwerk zorgen! 

Kunstaasgids voor snoek: Auteur: Tekst & foto’s Robert-Paul Wolters 

 

 

Snoekvissen vanaf de Kant

In Nederland zijn we gezegend met veel mooi snoekwater en een boot is daarbij absoluut geen must, snoekvissen vanaf de kant kan net zo effectief zijn. Vanaf de kant kun je namelijk prima je ding doen! Nick Landman van Savage Gear doet dat al jaren en kan zo de nodige do’s en dont’s voor deze visserij opsommen.   

Snoekvissen vanaf de Kant: DO’s

Waadbroek

snoekvissen vanaf de kant

Een waadpak helpt om de moeilijke stekken te bereiken

Een absolute must bij het snoekvissen vanaf de kant vind ik de mogelijkheid tot waden. Zo kun je letterlijk en figuurlijk net even een stapje extra zetten waardoor je de moeilijk bereikbare stekken toch nog mee kunt pakken. Nog een bijkomend voordeel is dat je tijdens het drillen van een snoek niet naar de perfecte plek hoeft te zoeken waar je deze kunt landen.

Vertrouw je de kant niet helemaal of kun je er niet goed bij, dan ga je gewoon in het water staan of op je knieën zitten. En nee, mij zie je niet struinen met een zwaar neopreenpak of die maffe lieslaarzen. Ik gebruik hiervoor een speciale lichtgewicht, waterdichte broek van Savage Gear. Echt een uitkomst!

Spiraaltje

snoekvissen vanaf de kant

Spiraal Wartel, handig om snel van kunstaas te wisselen

Tijdens een dag vissen wordt er natuurlijk geregeld van kunstaas gewisseld en jij als visser wilt dat dit zo snel en soepel mogelijk gebeurt. Niks mis met de spelden van menig onderlijn, toch kan het makkelijker wat mij betreft en al helemaal als het koud is en je met je stijve vingers nauwelijks die speld open kunt drukken.

Zo ben ik daardoor spiraalvormige spelden gaan gebruiken, deze zijn wel wat duurder in aanschaf, maar gaan naar mijn idee ook veel langer mee. Je hoeft er geen kracht op te zetten en met één simpele beweging heb je een ander aasje aan de speld hangen en kun je door met vissen.

Route uitstippelen

Wanneer ik een dag ga vissen dan zorg ik altijd dat ik weet waar ik naar toe wil, dit geeft mij een soort van geruststellend gevoel. Dit kun je natuurlijk op meerdere manieren doen, voor mij is één manier om een dag van tevoren een soort van route uit te stippelen, Google Maps is hiervoor een handige tool. Er zijn toch altijd dingen waar je rekening mee moet houden. Mocht het die dag bijvoorbeeld écht hard gaan waaien, dan ga ik niet op wijde vlaktes staan gooien, dan zoek ik wat meer de stekken in de luwte op. Ik heb op taaie dagen al vaak meegemaakt dat wanneer je geen plan hebt, de moed al snel in de schoenen zakt.

Dressuur doorbreken

snoekvissen

Dressuur water vraagt om voorzichtig te worden benaderd

Wat snoekwateren betreft hebben wij Nederlanders weinig reden tot klagen. Er zijn allerlei soorten gebieden waar je uit de voeten kunt, één daarvan zijn de stadswateren. Met name deze wateren worden druk bevist en geloof maar dat de snoeken hier het klappen van de zweep kennen.

Dressuur is en blijft een onderschat aspect bij het vissen op snoek, dat terwijl deze rovers op den duur zeker weten associaties gaan leggen bijvoorbeeld lawaai op de kant of bepaalde stukken kunstaas. Op stadswateren of sloten in een woonwijk ben ik daarom extra voorzichtig bij het benaderen van stekken. 

Stek even laten rusten

Iedereen kent het gevoel wel van een aanbeet krijgen of missen. En iedereen zal vrijwel automatisch de neiging hebben om op de stek door te willen vissen. Twee worpen kunnen mijns inziens nog wel eens wat uithalen, maar meer vind ik verspeelde moeite. Ja, inderdaad, er zit snoek op de stek, maar die is op dat moment gealarmeerd en, indien de haken gevoeld, zal die zich op korte termijn niet nog een keer vergissen. Beter is het om de stek even met rust te laten en bijvoorbeeld een half uur later nog eens terug te keren. Goede kans dat de snoek je nu wel een tweede kans geeft.

Snoekvissen vanaf de Kant: DON’TS

Teveel meenemen

snoekvissen vanaf de kant

Minimale uitrusting bij het snoekvissen vanaf de kant

Ik ben mezelf tijdens het snoekvissen vanaf de kant al meerdere keren lelijk tegen het lijf gelopen door teveel spullen met me mee te sjouwen. Wanneer je een eind van de auto vandaan bent en je begint pijn in je schouders te krijgen door de zware tas die om je nek hangt, dan zou je willen dat je dat hele stuk niet meer terug zou hoeven lopen. Zeker met het meenemen van kunstaas hebben we nogal moeite te doseren. Toch, wees streng voor jezelf en neem alleen mee waar je vertrouwen in hebt.  

Te warm aankleden

Snoekvissen vanaf de kant betekent veel in beweging zijn, soms ben je kilometers onderweg om die ene stek te bereiken. Tijdens zo’n wandeling verbruikt je lichaam veel energie waardoor je het in korte tijd ontzettend warm kunt krijgen, tot aan zweten toe zelfs. Ter vergelijking, een dag op de boot vissen in de kou is heel anders en dus ook de kleding. Een mooi principe is het 3 lagen principe, ofwel thermo ondergoed, fleecetrui en daaroverheen een lichtgewicht wind- en waterdicht jack (inclusief waterdichte broek).

Schaduwen van stek

Tijdens het snoekvissen zijn er altijd plekken waar je wat meer aandacht aan besteedt ten opzichte van de monotone rechte stukken. Jawel, de zogenaamde hotspots. Dit zijn dan ook meteen wel vaak de plekken waar over het algemeen veel gevist wordt en dressuur op de loer ligt. Zelf vind ik het in deze belangrijk om deze hotspots echt voorzichtig te benaderen. Je eigen schaduw kan daarbij al danig de boel verstoren. Zeker wanneer de zon laag staat en je donkere alter ego zich veel langer uitstrekt. Echt iets om rekening mee te houden! 

Koppig zijn

snoekvissen vanaf de kant

Op taaie dagen wisselen van kleur ? Varieer eens in snelheid met binnenvissen

Wanneer het op taaie dagen allemaal niet loopt zoals je dat graag zou willen, dan zijn er allerlei manieren om die taaiheid te doorbreken. Je zou de kleur van je kunstaas kunnen veranderen door met bruin in plaats van groen te gaan vissen, maar hier geloof ik zelf niet zo in. Wat ik zelf ondervonden heb is dat je manier van vissen wel verschil kan maken. Vis je deze dag bijvoorbeeld heel traag, probeer dan eens om je kunstaas wat agressiever (sneller, wilder) binnen te vissen. Twijfelachtige snoeken zullen zo uit frustratie toch interesse gaan tonen.

Drukke wateren bevissen

snoekvissen vanaf de kant

Vermijd de druk beviste stekken

Wanneer je bij een stek aankomt waar je wilt gaan vissen en je ziet dat hier al andere vissers bezig zijn of teveel drukte om heen hangt, ga hier dan niet vissen en sla deze lekker over. Over het algemeen is het zo dat de vis zich op zulke momenten wat gedeisd houdt. Zonde van je tijd! Eventueel kun je deze stek later op de dag nog een kans geven. Mijn voorkeur gaat uit naar een wat later tijdstip in de avond, wanneer de rust aan het water is teruggekeerd. 

Auteur Nick Landman met een prachtige snoek vanaf de kant gevangen

Tekst en Foto’s : Nick Landman

Lees meer Snoek Do’s en Don’ts : Poldersnoek

Doodaasvissen op grote snoek

In bijna iedere haven of andere hotspot voor snoek kom je ze tegenwoordig tegen: doodaasvissers.

Het doodaasvissen is bezig aan een opmars in Nederland, de visserij wordt almaar populairder. In bijna iedere haven of andere hotspot voor snoek kom je ze tegenwoordig tegen: doodaasvissers. Niet verwonderlijk, gezien de vangsten die ermee geboekt worden. Maar hoe gaat het nu precies in zijn werk? Hoe vis je nu het meest effectief met doodaas?

doodaasvissen op snoek

Auteur Tamme Smit.

Welke stekken?

Het allerbelangrijkste voor een succesvolle doodaassessie is de stek. Wanneer je weet dat je in de buurt van een school vis ligt, weet je ook dat snoek niet ver weg kan liggen. De visserij met aasvissen is vanzelfsprekend veel statischer dan die met kunstaas. Om die reden loop je ook niet ‘vanzelf’ tegen een school aasvis aan. Je moet dus van tevoren al weten dat er ergens aasvis ligt.

Plaatsen als bruggen, steigers, kruisingen, plekken waar veel boten afmeren en doodlopende einden zijn vaak razend interessant. Je kunt er bij wijze van spreken op je klompen aanvoelen dat er snoek ligt. Toch is het lekker wanneer je zeker bent van je zaken en gewoon weet dat er vis ligt. Hoe je dat doet? Het antwoord is: observeren! Wie observeert, die leert. Zeker in de avonduurtjes zijn de witvissen actief en verraden ze met kringetjes in het wateroppervlak hun aanwezigheid. Daarnaast zie ik erg graag jagende watervogels.

Wanneer ik aalscholvers en futen zie ben ik dus blij, dan weet ik dat aasvis niet ver weg kan zijn. Als ik tijdens het uitpeilen van de stek vervolgens ook nog tikjes voel van witvis die ik aantik met mijn lijn, dan kan het al helemaal niet meer mis! De school prooivis is gelokaliseerd.

Waar plaats je nu het beste je aasvis? In het midden van die school, of juist aan de randen? Het is goed om te weten dat luie, dikke snoeken nooit middenin of onder een school aasvis gaan liggen, maar juist de randen wat meer opzoeken. Drie keer raden waar ik mijn aasvis aan wil bieden?

doodaasvissen op snoek

Een goede voorbereiding is belangrijk bij het doodaasvissen.

Goede voorbereiding

Allereerst begin ik met peilen. Dit doe ik door met een dertig grams loodje de stek uit te kammen en mijn dobber steeds wat omhoog te schuiven, tot het loodje op de bodem staat. Op deze manier kan ik mooi de bodem in kaart brengen en eventueel interessante taluds vinden.
Zodra ik begin met vissen dan zal dit altijd met één hengel op of net boven de bodem zijn, en met de andere op half water. Op deze manier kan ik achterhalen waar de snoek op dat moment voorkeur aan geeft. Logisch dat als op de ene hengel meerdere aanbeten komen, je met de andere hengel beter ook op deze manier kunt vissen.

Welke aasvis?

Wanneer je eenmaal een goed beeld van de stek hebt, is het tijd om de aasvissen te water te laten. Voorn of zeevis? In helder water (in mijn ogen een doorzicht van meer dan 50 cm) kies ik voor voorn. Is dit niet het geval en is het water dus wat troebel, dan kies ik voor zeevis! Snoek is een zicht- en gevoelsjager, maar ook de geur van de prooivis triggert de snoek.

Bij het vissen met de dode aasvis wordt de zijlijn van de snoek niet geprikkeld, dus moet de snoek het hebben van geur of zicht. Is het water troebel, dan zal de snoek het aas niet snel waarnemen door het beperkte zicht. Zeevis heeft een sterkere geur dan zoetwatervis, dus de keuze bij troebel water is voor mij snel gemaakt, namelijk een aromatische, oliehoudende ‘zoute’ hap!

Snoek op een aromatische, oliehoudende ‘zoute’ hap!

Welke montage voor doodaasvissen?

De montage van het dobbervissen is simpel. Eerst schuif ik een een stuitje, gevolgd door een kraaltje, op de lijn, daarna volgt de dobber. Het kraaltje zorgt ervoor dat de dobber niet vast in het stuitje komt te zitten en dus over de lijn kan blijven schuiven. Het drijfvermogen van de dobber varieert van 15 tot 25 gram, afhankelijk van de grootte van de aasvis.

Wanneer je de Floats gebruikt, met daarbij de bijbehorende loodgewichten, zal je dobber altijd perfect in het water staan. Het grootste voordeel hierbij is dat de snoek minimale weerstand voelt bij het tussen de kaken nemen van jouw aasvis. Bovendien is het belangrijk dat er een Knot Buffer op de knoop geplaatst wordt. Deze Knot Buffer is feitelijk een kraal die de knoop beschermd, waardoor deze niet beschadigd raakt.

Tot slot de takel die ik bij het dobbervissen zo simpel mogelijk houd. Zorg ervoor dat de takel nooit te kort is, en dat de dreg niet te groot is. Een 50 cm lange leader met onderaan een dreg, maat 2 is voldoende om de snoek te haken. Belangrijk is wel dat je goede kwaliteit leadermateriaal gebruikt, dus kinkvast, flexibel en niet te dik. Zelf gebruik ik graag 49 strands wire; prima spul dat niet tot nauwelijks kinkt! Zo hoef je niet na elke vangst opnieuw een nieuwe takel te monteren en kun je tijdens bijtgrage uurtjes lekker doorvissen in plaats van knopen.

doodaasvissen met dobber

Wachten op een teken van leven.

Geduld wordt beloond!

Tijdens de winter vreten snoeken nog behoorlijk goed, toch zijn ze liever lui dan moe. Een grote, hapklare brok vis zullen ze zelden links laten liggen. Snoeken hebben ook geen moeite met grote aasvissen; het zal je verbazen als je ziet hoe snel ze een grote vis weg kunnen werken. Om die reden is het belangrijk dat je elke aanbeet ziet en er direct op kunt reageren. Afhankelijk van de grootte van de aasvis is acht seconden wachten de max! De vis is dan bijna altijd goed gehaakt.

Ga bedacht te werk, blijf op je hoede en houd de dobber altijd in het zicht. Gebruik ook een net waar dat nodig is, bijvoorbeeld bij een hoge kade. Het is voor de snoeken die nu op topgewicht zijn absoluut niet bevorderlijk om hangend aan één kieuw de kant op te worden getild. Daarnaast is snel en vaak verkassen iets wat niet handig is tijdens het doodaasvissen.

Als het goed is weet je immers dat er aasvis aanwezig is op je stek, dan kunnen de snoeken gewoon niet ver weg zijn! In dit jaargetijde hebben snoeken nu eenmaal duidelijke aasperiodes; soms moet je enorm lang wachten en gaat het ineens compleet los. Zo heb ik ooit meegemaakt dat ik na ettelijke uren wachten twee dobbers tegelijk zag verdwijnen. Wat later lagen er twee metersnoeken voor de kant! Dat wil je niet missen toch? Geef een stek dus voldoende tijd, geduld wordt beloond!

doodaasvissen op snoek

Doodaasvissen op de juiste stek.

Welk materiaal voor doodaasvissen?

Het materiaal dat gebruikt wordt voor het doodaasvissen, kan heel eenvoudig zijn maar het moet wel aan bepaalde voorwaarden voldoen. Natuurlijk is een hengel met wat ruggengraat, waarmee de haak goed gezet kan worden, belangrijk. Toch vind ik drilplezier net zo belangrijk. Diverse fabrikanten hebben speciaal voor deze visserij hengels ontwikkeld in diverse maten en prijsklassen. Zelf gebruik ik hengels met een testcurve van 3 lbs en een lengte van 3 meter.

De werpmolen moet voorzien zijn van een degelijke slip en stevige, gevlochten lijn. Zelf gebruik ik minimaal 26/00 dyneema. Vaak wordt er in de buurt van obstakels gevist, bovendien behoort de vangst van een regelrechte bak echt tot de mogelijkheden, dus vis ik liever iets te zwaar dan te licht. Op materiaal bezuinig ik liever niet.

Tekst en foto’s : Tamme Smit

MEER LEZEN: DOODAASTIPS | DOODAASTAKEL MAKEN

Nieuwe roofvisproducten

Nieuwe producten voor de roofvisser van Arca, Salmo, Quantum en Gunki.

Lichte reeks

De tweedelige Spinning Course ST spinhengels van Arca zijn gebouwd voor het lichte vissen met kunstaas. Bij een lengte van 1,80 tot 2,25 meter hebben deze hengels een werpvermogen dat loopt tot 9, 12, 14, 15 of 18 gram.

De molenhouder is geïntegreerd in de ergonomische handgreep.

De carbonhengels hebben een matte, discrete finish, eenpoots geleideogen en een versterkte spigot-sluiting.
Adviesprijzen € 60 tot € 65.

Website: www.arca-bifa.com

Ultralicht kunstaas

De Salmo Tiny is slechts drie centimeter lang en beschikbaar in een drijvende en zinkende uitvoering die 2 tot 2,5 gram zwaar zijn.

Een ideaal plugje, in vijf kleurencombinaties, voor het vissen op stilstaand water of kleine beken, met name wanneer vissen in de buurt van het wateroppervlak aan het azen zijn.

Zwemt tot 30 cm diep.

Website: www.salmo.com.pl

Compact molenhuis

Mede door de uitgebalanceerde rotor heeft de nieuwe Quantum Centex werpmolen een zeer soepele loop. Door de S-bocht lijnopspoeling komt de lijn netjes op de aluminium long stroke spoel te liggen.

De afstelling voor de fijn instelbare slip is voor op de spoel te vinden, de nieuw ontworpen slinger zorgt voor een maximaal comfort.
Adviesprijs € 56 tot € 65 inclusief reservespoel.

Het binnenwerk staat als een huis.

Website: www.zebco-europe.com

Minder stijf

De nieuwe Gunki Hard Mono is een zeer slijtvaste, onopvallende lijn voor het maken van roofvisonderlijnen.

De lijn is leverbaar in diameters vanaf 40/00 tot 120/00, met een trekkracht die oploopt van 8,4 tot 51 kg. De lijn wordt geleverd op spoelen van 50 meter.

Eenvoudiger te knopen dan fluorocarbon.

Website: www.pezonetmichel.com/nl

Poldersnoek – Do’s en Don’ts

poldersnoek

Vissen op poldersnoek, hoe pak je dit aan ? 

We zijn gezegend met de hoeveelheid water in Nederland. Zeker wat betreft onze polderstelsels; uitgestrekte landschappen met een gigantische hoeveelheid aan slootjes en vaarten. Dat hier massaal snoek rondzwemt is geen geheim meer en met name ’s winters is het hier een komen en gaan van struinende vissers. Roofvisspecialist Sander Paans is er daar een van en komt met de nodige do’s & don’ts op de proppen.

poldersnoek

Auteur Sander Paans.

Poldersnoek Do’s

Raadpleeg het internet

Met behulp van internet (Google Earth/ Streetview) is het tegenwoordig mogelijk om al van te voren een indruk te krijgen van de stekken die je gaat bevissen. Zoek hierbij naar natuurlijke en onnatuurlijke onderbrekingen in het monotone karakter van sommige poldersloten. Dit zijn de plekken waar snoek dekking vindt. Denk aan bruggetjes, T-splitsingen, kruisingen, duikers, etc. Sommige foto’s zijn wat gedateerd, maar uiteindelijk kun je er wel je voordeel mee doen. Wanneer je dan toch aan het zoeken bent, kijk gelijk op www.visplanner.nl of je er mag vissen met jouw vergunning.

Ga op verkenning

Het kan ook helpen om ’s zomers al even de sloten goed in je op te nemen. Waar liggen er lelievelden of andere planten? Dit zijn plekken die ook in de winter productief kunnen zijn. De waterplanten sterven niet helemaal af en tussen die restjes zoekt de witvis naar zijn voedsel. Voor de poldersnoek is dit hartstikke interessant!
Bedenk ook goed wat kou met de watertemperatuur kan doen en houd hier rekening mee bij je stekkeuze. Bij een koude oostenwind zoek je de vissen op in de beschutting, maar liever nog in de aangrenzende woonwijk. Het water hoeft maar net 1 of 2 graden warmer te zijn voor actievere snoek.

poldersnoek

Polders met aangrenzende woonwijken zijn aantrekkelijke winterstekken.

Lichte bepakking

Het leuke van struinen vind ik dat je soms uren weg kunt blijven bij de auto. Je trekt een mooi gebied in en loopt hier rond. Tijdens zulke wandeltochten is het niet prettig om met een zware bepakking rond te lopen, want uiteindelijk gaat dat hoe dan ook doorwegen. Neem de minimale benodigde spullen mee en kies je kunstaas selectief. Verder wat eten en drinken, aangezien je toch een hoop energie verbruikt tijdens het struinen. Bedenk ook hoe je de vangst vast wilt leggen. Neem je een (spiegelreflex)camera mee of maak je een foto met je telefoon? De huidige smartphones hebben prima camera’s en de foto’s zijn van goede kwaliteit.

poldersnoek

Veel heb je niet nodig voor het struinend vissen.

Varieer met kunstaas

Neem niet teveel mee aan kunstaas, maar zorg wel dat je kunt variëren! Er zijn dagen dat ze maar een bepaalde aassoort of zelfs kleur willen hebben. Tijdens één van mijn laatste poldervisdagen kwam ik er door mijn vismaat achter dat ze alleen maar firetiger wilden hebben. Hij viste me op een bepaald stukje water helemaal zoek, terwijl ik geen actie kreeg. Nadat ik wisselde voor een shad in firetiger begon het bij mij ook te lopen. Wat neem ik mee aan kunstaas? Eén of twee jerkbaits (glider 10-12 cm en 15-17 cm), een spinner, een softbait, twee plugjes (slank en dik buikig); meer hoeft eigenlijk niet.

poldersnoek

De kleur firetiger is geliefd bij snoek en snoekvisser.

Geniet van het vissen en je omgeving

Poldervissen is net als iedere visserij; het is zoeken naar de juiste plekken, het juiste aas en de juiste tijd. En net op het moment dat je denkt alles uitgedokterd te hebben, besluiten die helse snoeken het weer anders te doen. En laat dat nou juist het snoekvissen zo leuk maken! De grote DO die ik hier mee wil geven, geniet vooral! Geniet van de visserij in de polder, het buiten in de natuur zijn en alles om je heen. Geniet van alle vis die je vangt, ook van de kleintjes. Het gaat niet alleen maar om meter+ vissen, juist in de polder kunnen de kleinere vissen je dag helemaal maken.

Poldersnoek Don’ts

Diepduikers

Polders zijn vaak ondiepe slotenstelsels van maximaal 1,5 meter diep en over het algemeen nog ondieper. Vissen met diepduikende pluggen of shads met zware loodkoppen heeft geen enkele zin. Het enige wat je zult vangen is een hoop modder, takken en frustratie. Voor shads is een loodkop van 5-10 gram wel maximaal, met 10 gram is het al zaak om met de hengeltop omhoog te vissen. Hetzelfde geldt voor pluggen, kies deze bewust. Een plug die een schoep heeft die in het verlengde van de kop staat zal dieper lopen dan een plug waarvan de schoep haaks op de kop staat.

Geen kniptang

Ga niet op pad zonder een set goede tangen! Helaas zie ik dat veel snoekvissers nog steeds op pad gaan met een enkele tang en zonder kniptang, terwijl dit juist voor de snoek van levensbelang kan zijn. Van mij mogen ze dit zelfs verplichten in de vergunningsvoorwaarden. Sowieso dus een puntbektang (bij voorkeur ook een lange) en een kniptang; eigenlijk bestaat er maar één goede en dat is de Knipex Cobolt, hij kost een paar centen maar je hebt er enorm lang veel plezier van.

poldersnoek

Een goede onthaaktang mag niet ontbreken.

Te diep vissen

Vis niet te diep in de polderwateren. Het doorzicht ten opzichte van stadswateren is vaak iets minder, maar nog goed genoeg. Tel daar de geringe diepte bij op en je zult merken dat je helemaal niet diep hoeft te vissen. Zeker op de watertjes waar het rond de 1 meter diep is, kun je gemakkelijk net onder het oppervlak vissen. Voor de snoek maakt het echt niet uit dat hij ons aasje net onder het oppervlak vandaan moet halen. Ik heb zelfs het idee dat dit gemakkelijker is dan een schot richting bodem. De aanbeten die je nu krijgt blijven vaak op je netvlies staan.

Ellenlange fotoshoots

Bedenk dat het belang van de snoek altijd voorop staat. In dit digitale tijdperk hebben we allerlei mogelijkheden om de vangst van een snoek vast te leggen, maar vooral om te delen. De meeste van ons willen alles laten zien op Facebook, Twitter, Instagram enzovoorts. Persoonlijk heb ik daar weinig moeite mee, ik zie graag de nodige mooie vangstfoto’s voorbij komen. Ik houd er alleen niet van om vissen te zien die helemaal onder het zand of bladeren zitten, om over stenen nog maar niet te spreken. Beheers je de landingsgrepen van snoek nog niet, neem dan een goed schepnet en onthaakmatje mee. De vis blijft vochtig en netjes; snel een paar fotootjes en weer terug. Geen ellenlange fotoshoot voor die ene perfecte foto.

poldersnoek

Catch & Release na een snelle fotoshoot.

Moeilijk doen

Ga niet te moeilijk doen met grote brokken kunstaas en zware hengels met een werpgewicht van 100 gram of meer. Daar beleef je in de polder weinig sport aan. Er gaan bij mij tijdens een poldertrip twee hengels mee en ter plekke maak ik de keuze met welke ik ga struinen. De eerste is een spinhengel van 2,50 meter en 20-40 gram werpvermogen, de tweede een jerkbaithengel van 1,95 meter en 30-60 gram werpvermogen. De spinhengel gebruik ik de laatste tijd weer steeds meer en hier kan ik nagenoeg al het kunstaas mee vissen. De molen is opgespoeld met 17/00 dyneema en voorzien van een 40 lbs titanium onderlijntje. De jerkbaithengel is zwaar genoeg om jerkbaits tot zo’n 80 gram mee te werpen en licht genoeg om een leuke dril te hebben aan een niet te grote snoek.

TEKST EN FOTO’S : SANDER PAANS

 

Tien tips voor het vissen met kunstaas in de winter

Christopher Görg  behoort tot de winterharde sportvissers die zelfs in de koudste maanden nog met de kunstaashengel naar de waterkant gaan. Wanneer je er net zo over denkt, dan zijn hier tien winterse kunstaas tips om ook in de winter succesvol te kunnen zijn.

1. De innerlijke koukleum overwinnen

De blik uit het raam van de warme woning werkt in de winter vaak afschrikkend. Wind, sneeuw en een trillende koude weerhouden veel sportvissers ervan om de waterkant op te zoeken.

kunstaas voor de winter

Echter alleen wanneer je kunstaas te water laat, kun je hier ook daadwerkelijk iets mee vangen. Thuis wordt dat zeker niets.

Thuis wordt dat zeker niets. De grondregel voor het vissen in de winter is dat je jezelf een duwtje moet geven en de angst voor de koude moet overwinnen door op of langs het water de hengel ter hand te nemen.

2. Warm moet het zijn

Ook wanneer de buitentemperatuur rond het vriespunt ligt, betekent dit nog niet dat je het koud moet hebben tijdens het vissen. Een afgekoeld lichaam is niet alleen slecht voor de gezondheid, het beneemt je ook het plezier van het vissen.

winter kunstaas

Op warme kleding mag je in geen geval besparen, het devies luidt: liever wat te veel dan te weinig.

Kledingstukken uittrekken kan altijd nog. Hete thee uit de thermosfles draagt ook aan een comfortabel gevoel tijdens het vissen bij.

3. Doorzettingsvermogen tonen

Juist in het koude jaargetijde kan het nog wel eens lang duren voordat je een vis kunt haken. In de winter zijn de roofvissen niet meer overal in een water te vinden, maar liggen ze dichter bij elkaar in een beperkt gedeelte van het water. Er is wat doorzettingsvermogen voor nodig om deze stekken te vinden.

Het is belangrijk om ook na enkele succesloze uren niet meteen op te geven, maar volhardend je doel – een vis te vangen – te blijven volgen.

4. Keuze van het water

Wanneer je de keuze hebt uit meerdere wateren, dan kan het raadzaam zijn om voor een kleiner water te kiezen.

Hier heb je een grotere kans om de standplaatsen van de vissen te vinden, omdat de vis minder schuilplaatsen ter beschikking heeft dan op grotere wateren.

Een voorwaarde is natuurlijk wel dat het bestand aan roofvis niet al te klein is op dat water.

5. Prooivissen vinden

Op plekken waar zich veel prooivissen ophouden, daar zijn de roofvissen ook meestal niet ver weg. In de winter liggen deze op een beperkt aantal plekken bij elkaar. Vaak is het zo dat de kleine vissen zich jaar na jaar op dezelfde stekken ophoudt. Wanneer je als kunstaasvisser met dergelijke stekken bekend bent, dan blijft succes doorgaans niet lang uit. Met behulp van een visvinder zijn de grote scholen prooivis vaak goed te lokaliseren. Ook bij het vissen zonder dieptemeter is het goed mogelijk om die grote scholen te vinden.

Kleine tikjes op de hengeltop en per ongeluk verkeerd gehaakte witvis zijn een duidelijke aanwijzing voor een school prooivis.

6. Hotspots herkennen

Natuurlijk kan de roofvis zich ophouden op plekken die voor ons sportvisser weinig vertrouwen geven. Toch is het aan te raden om op de uitkijk te blijven naar markante plekken. Een schuin aflopende helling onder water is voor roofvissen een standplaats die vaak benut wordt. Met name dan wanneer er op een water weinig van dergelijke structuren te vinden zijn.

Plekken waar het voor de vissen mogelijk is om snel vanuit de diepte tot in het wateroppervlak te komen, zijn echte hotspots.

Hier houden de roofvissen zich vaak op, omdat ze dan in het voorjaar snel in het opwarmende, ondiepe water kunnen komen.

7. Aasperiodes aanhouden

In de winter zijn de roofvissen vaak maar voor korte tijd actief. Dat betekent dat ze in een korte aasperiode voedsel tot zich nemen. Rond dat tijdstip dient het kunstaas in het water te liggen.

Wanneer de aasperiodes op een bepaald water bekend zijn, dan kun je ook heel gericht in die periode vissen.

Je dient hierbij in het oog te houden dat de aasperiodes al naar gelang de weersomstandigheden ook enkele uren kunnen verschuiven.

8. Ga eens langzamer

Doordat de stofwisseling op een laag pitje staat, zijn de vissen zeer traag. Een rustig binnenvissen van het kunstaas is vaak de sleutel tot succes.

Zelfs de prooivis beweegt zich in de winter minder snel, dit wil je graag imiteren.

Zelfs de prooivis beweegt zich in de winter minder snel, dit wil je graag imiteren.

De dropshotmontage en de Carolina rig zijn ook bij lage watertemperaturen nog goed te gebruiken. Ook no-action shads op een loodkop zijn een goede keuze in de winter.

9. Kies voor groter kunstaas

Veel roofvissen hebben er zich bij lage watertemperaturen op ingesteld om zo min mogelijk energie te verbruiken. Elke aanval van een roofvis kost een bepaalde hoeveelheid energie. Om die energie zo goed mogelijk is te zetten, is het voor de roofvis rendabeler om zich te richten op grotere prooivissen.

Om die reden mag het kunstaas in de winter gerust een maatje groter zijn.

 

10. Natuurlijk aas aanbieden

Op sommige dagen, wanneer de bekken van de roofvissen vastgenageld lijken te zijn, kan het actieve vissen met dode aasvissen toch nog het gewenste resultaat opleveren.

Dode aasvissen hebben het voordeel dat ze daadwerkelijk naar vis ruiken en proeven.

Wanneer je verticaal kunt vissen, dan kun je de aasvis met een fireball aanbieden. In de andere gevallen kan het presenteren van een dode aasvis met een dropshotmontage of Carolina rig ook succesvol zijn.

Tekst en Foto’s : Christopher Görg